Direct naar inhoud

“Voor mijn gevoel zit het cultuurlandschap in Nederland in een overgangsfase”

Gepubliceerd op:

Van jeugdacteur tot multidisciplinair kunstenaar: de Argentijnse Nahuel Cano werkt al bijna zijn hele leven in de culture sector en beweegt zich vlot tussen verschillende kunstvormen. Het is die haast grenzeloze variatie die hem inspireert, evenals de mensen met wie hij samenwerkt, geluiden, emoties en geschiedenis. De wereld ziet hij als bron van inspiratie, elke dag weer.  

Hi Nahuel, wat doe je allemaal en waar kunnen onze leden je eventueel van kennen? 
“Mijn werk strekt zich uit over verschillende disciplines: ik schrijf muziek en treed daarmee ook op, ik verzorg sound design voor theater, film en dans en ik maak voorstellingen waarin ik muziek, tekst en beeld combineer. Een aantal van mijn stukken is opgevoerd op festivals zoals Gaudeamus, Spring Festival Utrecht en Beyond the Black Box. Ook heb ik als acteur aan verschillende films gewerkt. De film die de meeste impact op mij heeft gehad is Zama van Lucrecia Martel; een film die nog steeds weerklank vindt bij publiek over de hele wereld.” 

Droomde je er als kind al van om kunstenaar te worden? 
“Ja, en ik ben ook heel jong begonnen. Op mijn tiende was ik al professioneel acteur in Argentinië, mijn land van herkomst. Acteren was mijn eerste liefde: ik kon me daar volledig in onderdompelen. Als tiener leerde ik ook gitaar spelen en ging ik optreden met bandjes, maar lange tijd was acteren mijn hoofddiscipline.” 
“Uiteindelijk kreeg ik steeds meer het gevoel dat ik me met acteren alleen niet volledig kon uitdrukken. Ik wilde op zoek gaan naar mijn eigen taal en vragen en gevoelens onderzoeken waar ik als acteur niet bij kon. Zo ben ik begonnen met het maken van mijn eigen werk. Langzaamaan werden mijn performances muzikaler, tot de muziek uiteindelijk het middelpunt van mijn werk werd. Die evolutie voelde natuurlijk en daarom besloot ik de studie tot componist te volgen. Dat hielp me om mijn technieken te verfijnen en mijn nieuwe richting volledig te omarmen.” 

Wat vind jij het mooiste aan jouw beroep? 
“Wat ik het mooiste vind, is dat je met van muziek, geluid en storytelling werelden en emotionele landschappen kunt creëren en delen. Door muziek kunnen we tijd en ruimte anders beleven en een ander ritme aan te nemen. Ik hoop ook dat mensen in mijn werk mijn drang voelen om via geluid en storytelling een connectie te maken en samen de wereld te herinterpreteren. Daarom hou ik ervan om samen te werken met anderen. Samen bouwen aan een team of productie is een mooi, maar delicaat proces. Het draait om luisteren en timing, letterlijk en figuurlijk. En als dat werkt, dan voel je de zorg voor elkaar en dat ene gedeelde doel.” 

Wat zijn volgens jou de grootste uitdagingen binnen jouw sector en hoe ga je hier zelf mee om? 
“Ik denk dat financiële zekerheid momenteel voor veel onafhankelijke kunstenaars de grootste uitdaging vormt. Er zijn steeds minder middelen en subsidies beschikbaar binnen de culturele en creatieve sector en de steun die er wel is, staat onder grote druk. In combinatie met de stijgende kosten voor levensonderhoud zorgt dat voor moeilijke omstandigheden. Daarnaast bepalen platformen als Spotify, YouTube en TikTok in toenemende mate het culturele landschap, wat kunstenaars dwingt om te produceren en zichtbaar te blijven. Dat leidt tot uitputting en burn outs, maar maakt het ook lastiger om echt betekenisvol werk te maken of projecten op te starten waarvoor langdurige research nodig is.” 
“Zelf probeer ik me daarom vooral te richten op verbinding, door langzaam en doordacht duurzame samenwerkingen op te bouwen met mensen, organisaties en festivals. De focus ligt daarbij op vertrouwen en samen groeien. Door dit soort samenwerkingen heb ik een team kunnen samenstellen voor mijn eigen werk, kan ik nieuwe projecten opzetten en nieuwe uitdagingen aangaan als sound designer en componist.” 

Hoe ervaar jij het huidige Nederlandse cultuurlandschap? 
“Voor mijn gevoel zit het cultuurlandschap in Nederland in een overgangsfase. Het is moeilijk om te voorspellen welke kant het op gaat, maar wat mij persoonlijk het meest opvalt is de fragmentatie. Disciplines en sectoren zijn vaak ingedeeld in aparte hokjes, met weinig onderlinge dialoog. Maar ik zie ook hoopvolle dingen zoals grassroots netwerken en kleine, onderlinge allianties die nieuwe manieren verkennen om samen te werken. Het gevoel van solidariteit en creativiteit groeit en lijkt te zorgen voor een ethischer, inclusiever en positiever cultureel landschap. Ik hoop dat we dat vast kunnen houden, zodat de sector zo vanuit de basis wordt hervormd.”

Delen via social media