Het grootste deel van de werkenden in de cultuursector is niet in vaste dienst. We hebben het dus voor een groot deel over flexwerkers en zzp’ers. TOZO was een uitkering die het inkomen van zzp’ers aanvult tot bijstandniveau. Maar deze steun was aan nogal wat voorwaarden verbonden. Je partner mocht niet meer dan het minimumloon verdienen. Verder was er ook een vermogenstoets. Dus als je geld gespaard had, bijvoorbeeld in het geval je geen pensioenopbouw hebt, dan kwam je ook niet in aanmerking voor deze steun. Bij het laatste steunpakket was deze steun helemaal verdwenen en werd verwezen naar de Bijzondere Bijstand. Voor mensen met 0-uren en flexcontracten was er naast de TONK die drie maanden beschikbaar was, überhaupt geen regeling beschikbaar. NOW was beschikbaar voor werkgevers, en mocht ook aangewend worden voor flexcontracten. Maar NOW werd uiteindelijk verrekend met de gelden die werkgevers uit het sectorspecifieke steunpakket ontvingen. Dit, in combinatie met gebrek aan perspectief op heropening, maakte het onder streep voor werkgevers financieel zeer onaantrekkelijk om flexwerkers aan zich te blijven binden.