Kunstenbond heeft de rechtszaak gewonnen rondom een schijnzelfstandig lid van Het Balletorkest. In een rechtszaak van collegavakbond FNV omtrent schijnzelfstandigheid bij Deliveroo wordt ook dit oordeel geveld.

Beide uitspraken zijn een duidelijke waarschuwing voor werkgevers: aan het in stand houden van schijnzelfstandigheid kleven grote risico’s. Met deze uitspraken ontstaat ook meer duidelijkheid. Hiermee zetten we een belangrijke stap naar betere bescherming van werkenden in en buiten de culturele sector.

 

Zomaar op straat na jaren trouwe dienst

Hoboïst en remplaçant Dorine Schoon is volgens de rechter feitelijk in dienst bij Het Balletorkest, de vaste begeleidingspartner van Het Nationale Ballet en het Nederlands Dans Theater, en werkte voorheen als schijnzelfstandige.

 

De zaak kwam in een stroomversnelling vanwege het feit dat Dorine in april 2020 zonder geldige reden plotseling op straat werd gezet door Het Balletorkest, na jarenlang te hebben gespeeld als tweede hoboïste. Ze was vaste invaller en aanvulling bij grote producties. Toen de werkgever plotseling liet weten dat Dorine niet meer gevraagd zou worden wendde zij zich tot haar vakbond, de Kunstenbond.

 

Volgens de wet DBA had Dorines een dienstverband bij het Balletorkest. Maar zij had geen arbeidsovereenkomst omdat Het Balletorkest tot die tijd alleen maar met freelancers op basis van opdrachtovereenkomsten wilde werken. In feite was er sprake van schijnzelfstandigheid. De Kunstenbond spande hierop een rechtszaak aan tegen het Balletorkest, met als eis dat de opzegging van de arbeidsovereenkomst wordt vernietigd en Dorine’s salaris volledig wordt doorbetaald, inclusief rente.

 

Dienstverband is bewezen

Op 10 februari 2021 oordeelde de Kantonrechter dat er hier duidelijk sprake is van een arbeidsovereenkomst en niet van een opdrachtovereenkomst. Zo was er sprake van arbeid gedurende enige tijd, van loon én van een gezagsverhouding. Dit betekent dat Dorine in dienst blijft van de werkgever Het Balletorkest en heeft recht op achterstallig loon. Volgens de wet is er dan sprake van een dienstverband.

 

Volgens de rechter is het irrelevant is of Dorine en het orkest de intentie hadden een dienstverband aan te gaan, of een opdrachtovereenkomst. Een dienstverband ontstaat als de wijze waarop de werkzaamheden worden uitgevoerd voldoen aan criteria van de arbeidsovereenkomst volgens de wet.

 

Gebrek aan handhaving houdt werkgevers buiten schot

De Kunstenbond ziet dat er in de cultuursector erg veel mensen in een schijnzelfstandige constructie werken. Werkgevers besparen daarmee veel geld op primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden waaronder vakantiedagen, vakantiegeld, pensioen, doorbetaling loon bij arbeidsongeschiktheid etc.

 

Hoewel er vaker wordt gesteld dat er veel onduidelijkheid heerst over de wet DBA, is deze helder over wanneer er sprake is van een dienstverband. Het gebrek aan handhaving houdt een systeem in stand waarbij de smalste schouders de hoogste risico’s dragen en cao afspraken worden ontweken.

 

Deze uitspraak bewijst dat individuele rechtszaken tot arbeidsovereenkomsten kunnen leiden. Dit kan betekenen dat veel meer freelancers feitelijk werknemer zijn en daarmee ook rechten opbouwen die afdwingbaar zijn. De samenloop met de uitspraak rondom schijnzelfstandigheid bij Deliveroo versterkt de indruk dat deze oneigenlijke arbeidsrelatie haar einde nabij is.

 

Dorine vertelt in reactie op de uitspraak:

 

‘Natuurlijk is het fijn om deze zaak gewonnen te hebben. Maar de grootste winst voor mij zou zijn als er nu een dialoog gestart wordt tussen remplaçanten en orkesten. Jarenlang zijn remplaçanten het vangnet geweest van orkesten, remplaçanten hebben het mogelijk gemaakt dat alle concertprogramma’s überhaupt konden worden uitgevoerd.

 

Het wordt tijd dat er andersom ook een vangnet komt. Dit is ontzettend nodig voor al die remplaçanten die nu buiten de boot vallen en nergens recht op hebben, en zich vanwege de nog altijd heersende angstcultuur niet durven uit te spreken.’